Achter een voordeur van vier meter breed
Het typische Brusselse huis is smal, diep en hoog. Vier tot zes meter gevelbreedte, vijftien meter diep, drie of vier bouwlagen, een trap in het midden en achteraan een aanbouw die het licht uit de middenkamer wegneemt. Wij werken daar elke week in, en de eerste vraag die we ons stellen als we binnenkomen is niet welke plaat we gaan gebruiken, maar hoe we ze tot boven krijgen. Een plaat van 2,60 meter draait niet rond de bocht van een Brusselse trap. Die snijden we beneden op maat, of we hijsen ze langs het raam naar binnen, en dat bepaalt meteen hoe we de wandopbouw indelen.
Dat is het verschil tussen werken in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en werken op de buiten. Op amper 162 vierkante kilometer wonen ongeveer 1.228.698 mensen, en het gewest ligt als een enclave middenin Vlaanderen. Bijna alles wat wij plaatsen, komt in een bestaand pand dat al twee of drie levens achter de rug heeft: een herenhuis dat een keer in appartementen is opgedeeld, daarna kantoor werd, en nu weer woning wordt.
Negentien gemeenten, elk met hun eigen bouwjaren
Het gewest bestaat sinds 1989 uit negentien gemeenten, met de stad Brussel (1000) als hoofdstad. Historisch was het gebied binnen de stadsomwalling de Kuip van Brussel, en de stad wisselde toen af met Leuven als hoofdplaats van het hertogdom Brabant. Van die eerste kern is bouwtechnisch weinig over, maar de negentiende-eeuwse uitbreiding die erop volgde bepaalt vandaag nog altijd ons werk.
In Schaarbeek (1030), met ruim 129.000 inwoners na Brussel-stad en Anderlecht de grootste gemeente van het gewest, zie je dat contrast op enkele straten tijd: dichte rijwoningen rond de Brabantwijk bij het Noordstation, en verderop de brede burgerhuizen aan het Josaphatpark en de villa's langs de Lambermontlaan. In Elsene (1050) en Sint-Gillis (1060) staan de meest gedecoreerde gevels, met stucplafonds en lijstwerk binnen. In Anderlecht (1070) en Sint-Jans-Molenbeek (1080) werken we vaker in oude werkmanswoningen en in omgebouwde ateliers. In Ukkel (1180) en Sint-Lambrechts-Woluwe (1200) zijn het eerder vrijstaande woningen en appartementsgebouwen uit de jaren zestig, met betonnen welfsels en lage plafonds. Wij passen onze opbouw daaraan aan, en niet omgekeerd.
De benedenverdieping en het souterrain
Veel Brusselse huizen hebben hun oude keuken half onder het straatniveau, met een leefruimte op de bel-etage erboven. Die benedenverdiepingen worden vandaag omgebouwd tot bureau, praktijkruimte of extra slaapkamer, en daar zijn wij voorzichtig. Een muur die vocht optrekt, verstoppen we niet achter een plaat: dat verplaatst het probleem naar de achterkant van uw nieuwe wand. Wij zetten er een voorzetwand op een eigen profielrij, los van het metselwerk, met een geventileerde spouw en vochtwerende platen, en we zeggen u vooraf wanneer het metselwerk eerst behandeld moet worden. Zo'n opbouw maakt een souterrain merkbaar droger en warmer aanvoelend, maar ze vervangt geen aanpak van de oorzaak, en dat verzwijgen we niet om een werf binnen te halen.
Een werf plannen in een stad zonder parkeerplaats
Materiaal krijgen tot bij de werkplek is in Brussel de helft van het werk. Wij regelen dat vooraf, en we zeggen u eerlijk wat het voor u betekent:
- een tijdelijk parkeerverbod vraagt u aan bij uw gemeente, en dat duurt enkele werkdagen, dus we spreken de leverdag ruim op voorhand af;
- gaat het om een appartement met lift, dan meten we de kooi op en bestellen we platen in een lengte die er rechtop in past;
- in een pand zonder lift dragen we de platen met twee man de trap op, wat de dag bepaalt waarop de vloerbekleding beter nog niet ligt;
- het puin en het snijafval voeren wij zelf af, we laten geen zakken op de stoep staan.
In een bewoond pand plaatsen we stofschermen aan elke doorgang en werken we ruimte per ruimte, zodat u niet plots met uw hele gezin in één kamer zit. Op de werf spreken we Nederlands en Frans, wat in een gebouw met een gemengde eigenaarsvergadering nogal eens van pas komt.
Hoge plafonds en lijstwerk: verlagen zonder het huis te verminken
Plafonds van 3,20 meter en meer zijn in de negentiende-eeuwse wijken eerder regel dan uitzondering, dikwijls met een sierlijst en een rozet die het waard zijn om te houden. Een verlaagd plafond hoeft daarom niet altijd de hele kamer te dekken. Wij werken in zulke ruimtes graag met een eiland in het midden of met een strook langs één zijde, zodat de leidingen, de ventilatiekanalen of de spots weggewerkt zijn en het lijstwerk gewoon zichtbaar blijft.
Wat de hoogte kost en oplevert
Waar de kanalen van een ventilatiesysteem of de leidingen van een nieuwe badkamer wel over de volle breedte moeten, kokeren we die in. Wat achter de plaat zit, komt niet meer in beeld: u kijkt nooit meer tegen die buizen aan. We spreken vooraf de exacte afwerkingshoogte af, want in een bovenste verdieping onder het dak of in een appartement uit de jaren zestig telt elke centimeter. Waar het echt krap is, hangen we de gipsplaten op een direct bevestigd regelwerk in plaats van op hangers, en verliezen we maar een paar centimeter.
Geluid tussen twee verdiepingen
De vraag die we in Brussel het vaakst krijgen, komt van mensen die net een verdieping van een opgedeeld huis hebben gekocht en de buren horen lopen. Een houten vloerconstructie van rond 1900 draagt trillingen bijzonder goed door, en de kokers van de oude verwarming werken als een spreekbuis tussen de niveaus.
Onze aanpak is telkens dezelfde combinatie: massa, een veerkrachtige ontkoppeling en luchtdichtheid. Voor een scheidingswand zetten we een dubbele metalstud met twee onafhankelijke profielrijen, vullen we de spouw met minerale wol en beplaten we dubbel met verspringende voegen. Onder elk profiel dat de vloer, de zijmuur of het plafond raakt, komt een akoestische band, want zonder die strook loopt de trilling gewoon rond uw wand via de chape. Voor een plafond hangen we het geheel op veerregels, los van de balken. Het resultaat is een merkbaar rustiger appartement, maar we beloven u geen stilte: gipskarton dempt geluid, het wist het niet uit. Wie echt van de loopgeluiden af wil, moet ook de vloer boven zich aanpakken, en dat zeggen we liever bij de offerte dan achteraf.
Brandveiligheid in een opgedeeld pand
Zodra een woning in meerdere wooneenheden is verdeeld, of zodra er boven een handelszaak gewoond wordt, gelden er eisen voor de scheidingen en voor de gemeenschappelijke traphal. Wij werken dan met platen van het brandwerende type F, in de opbouw en met de schroefafstand die bij dat systeem hoort, en we koken de doorvoeringen af. Een wand die achteraf wordt doorboord voor een leiding of een inbouwkast verliest precies daar zijn weerstand, en dat is niet zichtbaar zodra alles geschilderd is. Daarom noteren we in de offerte welk plaattype en welke opbouw per wand voorzien is: bij een controle, bij een verzekering of bij verkoop kunt u tonen wat er in zit.
Vergunning en premies in het Brussels Gewest
Binnenwerk in gipskarton is meestal vergunningsvrij zolang u de stabiliteit, het volume en het aantal woningen ongemoeid laat. Wilt u een huis opdelen, een zolder als woonruimte inrichten of de bestemming van een verdieping wijzigen, dan hebt u een stedenbouwkundige vergunning nodig, en die vraagt u aan bij uw gemeente, van Sint-Joost-ten-Node tot Watermaal-Bosvoorde. Staat het pand in een beschermde omgeving of heeft het een beschermde gevel, wat in de oude wijken vaker voorkomt dan mensen denken, dan komt daar een bijkomend advies bij.
Voor de premies kijkt u naar het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zelf: de renovatiesteun is gebundeld onder Renolution, en Homegrade geeft gratis advies aan wie in het gewest renoveert. Isolatiewerk langs de binnenzijde, bijvoorbeeld een voorzetwand tegen een koude buitenmuur, valt daar in bepaalde gevallen onder, op voorwaarde dat de opbouw en de isolatiedikte aan de voorwaarden voldoen. Kijk dat na voor de werken starten, want de bewijsstukken worden achteraf opgevraagd. Wij leveren u de technische gegevens van de gebruikte materialen zonder dat u erom moet vragen.
Van kaal profiel tot schilderklaar
De afwerking is wat u overhoudt. Wij zetten hoekprofielen op elke buitenhoek, wapenen de naden en plamuren in drie lagen, met een schuurbeurt tussendoor, tot de wand schilderklaar is. In een oud Brussels huis vraagt dat extra aandacht op de aansluiting tussen het nieuwe plaatmateriaal en de bestaande pleister, want die twee ondergronden werken niet gelijk. Daar snijden we een nette scheiding in plaats van de overgang dicht te smeren met plamuur die later scheurt.
Wilt u liever zelf schilderen of zelf verder afwerken, dan leveren we op in de graad die u kiest en zetten we dat zo in de prijs. Bezorg ons online de gegevens van uw project, de afmetingen van de ruimte, de hoogte van het plafond, het bouwjaar van het pand en een paar foto's, dan bekijken we het en sturen we u een duidelijke offerte terug voor uw wanden, uw plafond of uw volledige verdieping.